Meld je aan en blijf op de hoogte van nieuwe t-shirts, akties en kortingen.
|
|
|
Oranjeholland.nl oud-hollandse kinder rijmpjes & liedjes |
Hoedje van papier
Eén twee drie vier, hoedje van, hoedje van,
Eén twee drie vier, hoedje van, hoedje van papier.
En als dat hoedje dan niet past,
Zet het in de glazenkast.
Eén twee drie vier, hoedje van, hoedje van papier.
|
|
|
Kortjakje
Altijd is Kortjakje ziek,
Midden in de week, maar 's zondags niet.
Zondags gaat zij naar de kerk,
Met een boek vol zilverwerk.
Altijd is Kortjakje ziek,
Midden in de week, maar 's zondags niet.
|
|
|
In een groen knollenland
In een groen groen groen groen knollen knollenland.
Daar zaten twee haasjes heel parmant.
En de een die blies de fluite fluite fluit.
En de ander sloeg de trommel.
Toen kwam opeens een jager jagerman,
En die heeft er een geschoten.
En dat heeft toen naar men denken denken kan,
De ander zeer verdroten.
|
|
|
Jan Huigen in de ton
Jan Huigen in de ton,
Met een hoepeltje erom.
Jan Huigen, Jan Huigen,
En de ton die begon te buigen, te buigen.
En de ton die viel in duigen.
En de ton die viel kapot.
|
|
|
Schuitje varen
Schuitje varen, theetje drinken,
Varen we naar de Overtoom,
Drinken we zoete melk met room.
Zoete melk met brokken,
Kindje mag niet jokken.
|
|
|
In Den Haag daar woont een graaf.
In Den Haag daar woont een graaf,
En zijn zoon heet Jantje.
Als je vraagt: waar woont je pa?
Dan wijst hij met zijn handje.
Met zijn vingertje en zijn duim,
Op zijn hoed draagt hij een pluim.
Aan zijn arm een mandje,
Dag, mijn lieve Jantje.
|
|
|
Ik stond laatst voor een poppenkraam
Ik stond laatst voor een poppenkraam.
Daar zag ik zoveel poppen staan.
De poppenkoopman ging op reis,
De poppen raakten van de wijs,
Ik vroeg wat doen die poppen hier,
Die poppen maken poppenbier.
Die poppen maken poppenwijn.
Wat zullen die poppen vrolijk zijn.
En ze deden allemaal zo!
En ze deden allemaal zo!
|
|
|
Ozewiezewoze
Oze wieze woze
Oze wieze woze
wieze walla
Kristalla kristoze
Wieze woze wieze
wieswieswieswies.
|
|
|
Berend Botje
Berend botje ging uit varen.
Met zijn scheepje naar Zuid Laren.
De weg was recht, de weg was krom.
Nooit kwam Berend Botje weerom.
1234567 Waar is Berend Botje gebleven?
Hij is niet hier. Hij is niet daar.
Hij is naar Amerika.
|
|
|
Daar was laatst een meisje loos.
Daar was laatst een meisje loos.
Die wou gaan varen. Die wou gaan varen.
Daar was laatst een meisje loos.
Die wou gaan varen als lichtmatroos.
|
|
|
Moriaantje
Moriaantje zo zwart als roet.
Ging eens wandelen zonder hoed.
Maar de zon scheen op zijn bolletje,
Daarom droeg hij een parasolletje.
Parasolletje voor de regen. Parasolletje voor de zon
Pardon!
|
|
|
Hop Marjanneke
Hop Marjanneke, stroop in het kanneke,
Laat de poppetjes dansen.
Eerst was hier de prins in het land,
En nu die kale Fransen.
|
|
|
Witte Zwanen, Zwarte Zwanen
Witte zwanen, zwarte zwanen.
Wie gaat er mee naar Engeland varen?
Engeland is gesloten. De sleutel is gebroken.
Is er dan geen smid in het land, die de sleutel maken kan?
Laat doorgaan, laat doorgaan.
Wie achter is moet voorgaan.
|
|
|
|
|